1. Kinderen van de Kinkerhoek dromen


Een kind wordt naar bed gebracht. Ga maar lekker slapen, droom maar fijn. Het kind (gespeeld door Hester Hooyen, uit groep 8) kan niet slapen, tot Klaas Vaak (Michiel) komt om haar zand in de ogen te strooien. Dan begint de eerste droom. Bas is jarig en er gebeuren hele vreemde dingen. Vuurvogels en ijsblokjes verstoren het feest.

In een andere droom is er een eng bos waarin de bomen tot leven komen.

Van dit eerste totaal-theater genieten we allemaal, maar we leren er ook veel van. Allereerst, de overgangen moeten vloeiender. Het moet doorgaan. Sukran had wel voor een paar dansjes tussendoor gezorgd, maar dat liep nog niet vlot genoeg door naar de rest van het verhaal. Ten tweede, het duurde te lang. Pas twee jaar verder kwamen we op het idee om altijd 2 groepen te combineren. Zo hadden we zelf veel kritiekpunten, maar dat nam niet weg, dat we er allemaal zo van genoten hadden dat we het jaar erop niet hoefden na te denken of we het weer zouden doen.


Het lied

Klaas Vaak, Klaas Vaak, die strooit je zandjes in je oog Klaas
Vaak, Klaas Vaak, die maakt je vast in slaap, je
gaat dan lekker dromen en rare dingen komen je
tijd is veel te kort totdat je wakker wordt,